Japanse kornoelje

De Japanse kornoelje (Cornus kousa) behoort tot de kornoeljefamilie (Cornaceae). Het is een uitheemse soort. Zijn natuurlijk areaal ligt in Japan en Korea. De groeiwijze is meestal struikvormig maar hij kan ook uitgroeien tot een kleine boom. De opvallende schutbladen tijdens de bloei, samen met de afstaande takken geven de soort een sierlijk uiterlijk. Hij wordt 5-8 meter hoog en heeft een leeftijdsverwachting van 80-100 jaar. De soort kent een variëteit 'chinensis' die in alle delen groter is. Daarnaast is er een cultivars 'China Girl' met grotere, roomwitte schutbladen en een cultivar met roze schutbladen (Cornus kousa 'Satomi').

 

Bloeiwijze

foto links: bloeiwijze; foto rechts: vruchten

De Japanse kornoelje bloeit in mei-juni. Hij heeft een rijke bloei. De bloemen staan in een hoofdjesachtige bloeiwijze die geflankeerd wordt door 4 schutbladen, de zogenaamde bracteeën. Deze zijn 3-5 centimeter breed, crèmewit, en hebben een toegespitste top. De bloemen zelf zijn klein en hebben 4 aan de voet vergroeide, bleekgroene kroonblaadjes. Ze worden bestoven door insecten. Er zijn 4 meeldraden en het vruchtbeginsel heeft 1 stijl. Na de bloei groeit het bloemhoofdje uit tot een 1,5-2,5 centimeter dikke, framboosachtige verzameling van dicht opeen staande besachtige steenvruchtjes. Deze staat op een ongeveer 4 centimeter lange, rode steel. De vruchtjes zijn rijp in september-oktober en zijn dan roze gekleurd. Ze zijn eetbaar. Er wordt wel gelei van gemaakt

 

Waar te zien
De Japanse kornoelje is een soort die vrij algemeen wordt aangeplant. Je komt ze met name tegen in parken, plantsoenen, tuinen en brede groenvoorzieningen. Er staan onder andere exemplaren in Stadspark 'Oude Dijk', Wilhelminapark en Westerpark.

Foto: Japanse kornoelje (Cornus kousa var. Chinensis) op de hoek Ringbaan-West / Rene Norenburgstraat